Extra toezicht ondermijnt kwaliteit hoger onderwijs

10 september 2020

Ingezonden brief van Linda Medendorp (Senior Manager Advies bij CINOP) en Alie Kamphuis (Director Advies bij CINOP)

In de Volkskrant van 7 september jl. houden CDA en VVD een pleidooi voor meer extern toezicht op het hoger onderwijs. Volgens hen is dit nodig om de kwaliteit van het onderwijs, dat nu voor een belangrijk gedeelte digitaal wordt gegeven, te waarborgen. Deze kwaliteit staat onder druk. Zij baseren deze zorg op basis van signalen van studenten die aangeven te twijfelen aan de kwaliteit van online onderwijs. Wij zijn het eens met de stelling dat digitale onderwijsvormen niet ten koste mogen gaan van de kwaliteit, maar dat bereik je niet door het verscherpen van het toezicht. Integendeel; daarmee frustreer je het proces van onderwijsinstellingen om hun kwaliteit zelf op orde te houden. Dit proces is sinds 2003 ingezet en zeker de laatste jaren steeds succesvoller. Verscherping van het toezicht brengt het hoger onderwijs terug bij af.

De beste manier om de kwaliteit van het (digitale) onderwijs te verbeteren is door te helpen om de docenten intensief in gesprek te laten gaan met studenten en bedrijven over de kwaliteit van de combinatie van digitale en fysieke lessen en met hen naar verbeteringen toe te werken.

Zo kunnen ze samen bepalen hoe binnen de RIVM-richtlijnen het onderwijs zo goed mogelijk verzorgd kan blijven en de interactie tussen docenten en studenten verbeterd kan worden. Docenten kunnen hierover op de gebruikelijke manieren verantwoording afleggen; via beproefde gremia als medezeggenschapsorganen en het externe toezicht van de NVAO en de inspectie. Instellingen hebben deze verplichting al lang in het kader van een periodieke zelfbeoordeling. En het bestaande toezicht volstaat ruimschoots om dit proces te bewaken.

We weten vanuit onze rol als adviseur in het hoger onderwijs dat in de afgelopen maanden de kwaliteit van het (digitale) onderwijs al sterk is verbeterd en dat instellingen steeds beter zicht hebben op hetgeen nog beter kan en moet. Dat is ook logisch, gezien de haast en onzekerheid waarmee  onderwijsinstelling hun ‘corona-onderwijs’ moesten ontwerpen en implementeren. Gezien de schaal en complexiteit van het hoger onderwijs een organisatorisch prestatie van formaat. Dat verdient complimenten en vertrouwen in de veranderkracht van onderwijsinstellingen. Verscherpt toezicht ondermijnt direct het vertrouwen dat de politiek zou moeten hebben in (de kwaliteit van) ons hoger onderwijs en ondermijnt het proces van periodieke zelfbeoordeling waarmee we al zoveel hebben bereikt.

Natuurlijk zien we ook dat er verschillen zijn tussen instellingen; sommigen zijn verder in het geven van hoogwaardig digitaal onderwijs, en bij anderen is nog winst te behalen. Omdat het hoger onderwijs al jaren laat zien zeer goed in staat is om de kwaliteit te behouden en te verbeteren binnen de huidige toezicht vormen, moeten we in deze crisistijd niet reageren met een paniekreactie. Kijk naar de lange termijn en stimuleer instellingen juist nu om de periodieke zelfbeoordeling in tijden van corona goed uit te voeren.

Neem contact op voor meer informatie